Jan van der Els: ‘Warmte maakt je rijk’

Digitaal bladeren

Jan van der Els: ‘Warmte maakt je rijk’
Auteur:

Jan van der Els: ‘Warmte maakt je rijk’

Hoewel Jan van der Els (68) al 40 jaar in Vught woont, is hij geboren en getogen in Den Bosch – in de Graafsewijk om precies te zijn. Bosscher kan niet. Zijn professionele loopbaan laat zich niet in twee zinnen vatten, daarom een korte bloemlezing: fabriekswerker, elektrotechnisch tekenaar, verpleegkundige psychiatrie, systeemtherapeut, maatschappelijk werker, regisseur/acteur. En Jan was bovendien van de eerste t/m de laatste dag lid van de legendarische ‘Kleinkeinder’, die inmiddels (helaas) niet meer bestaan. Op dit moment is hij zeer actief bij theaterwerkplaats Novalis in Vught, waar hij mensen met een verstandelijke beperking begeleidt en regisseert. Ik ontmoet een veelzijdige, actieve, initiatiefrijke, creatieve en vooral ook kleurrijke ‘Bosschenaar’.

Tekst: Hans van Kasteren | fotografie: Olaf Smit

Je bent geboren in Den Bosch. Waar? Kun je wat vertellen over je jeugd, over het gezin waarin je bent opgegroeid? In hoeverre heeft jouw jeugd jouw persoon, jouw leven beïnvloed?
“Ik denk dat onze jeugdjaren in het algemeen veel invloed hebben over hoe we ons als mensen ontwikkelen. Wat mijzelf betreft: ik ben geboren in de Graafsewijk. Daar wonen niet de meest welgestelde Bosschenaren. Ik kom uit een gezin met twaalf kinderen. Ja, we hebben armoede gekend, maar er was warmte. Ik weet nog goed dat af en toe de stroom uitviel, dan moest er weer een gulden in zo’n automaat. En ja, als die gulden er even niet was, dan hadden we dus geen stroom, geen licht. Niemand die daar echt mee zat. Weet je, als je als kind armoede hebt gekend maar altijd omgeven werd door warmte, dan word je als volwassene rijk. Niet materieel, dat bedoel ik niet. Materiële zaken zijn voor ons niet erg belangrijk”.

Jan, je hebt een zwak voor de minder bedeelden van onze samenleving, dat blijkt al een beetje uit jouw activiteiten bij Novalis. Maar er zijn meer voorbeelden. Zo hoorde ik laatst dat je met Kerst iets bijzonders hebt gedaan. Vertel eens!
Jan van der Els: “Nou ja, iets bijzonders …. dat zijn jouw woorden. Maar wat je bedoelt is waarschijnlijk dat mijn vrouw en ik met Kerstmis een drietal gasten aan tafel hebben uitgenodigd die we tevoren niet kenden. Mensen die anders alléén kerst zouden vieren. Dat gebeurt door middel van een initiatief dat ‘De Eettafel’ heet. Als je daar aangeeft dat je interesse hebt zorgen zij er voor dat er contact komt tussen jou en enkele mensen uit de doelgroep: vaak alleenstaanden die dreigen te vereenzamen. En je stelt niet alleen je huis en tafel open, maar ook je hart. Zo voelt dat. Wij hebben voor drie personen een kerstmaaltijd verzorgd bij ons in de huiskamer. Was een geweldige ervaring. We vonden het een uitdaging gesprekken op gang te krijgen en er voor te zorgen dat die drie ook onderling ervaringen gingen uitwisselen, gesprekken gingen voeren. We hebben er heel veel genoegen aan beleefd, het was een dankbare ervaring. Gaan we in 2018 weer doen!”

Jan vertelt vervolgens over zijn vriendschap met Peter, die hij kent van de sportschool. Peter is een hbo-geschoolde onderwijskracht – hij is visueel gehandicapt, ziet vrijwel niets meer. Ze kennen elkaar nu een jaar of zes en brengen nogal wat tijd samen door.
Jan daarover: “Ja, we gaan regelmatig samen fietsen bijvoorbeeld. Op een tandem, ik voorop natuurlijk. Ik vertel wat we allemaal tegenkomen, zo kan hij als het ware met me mee kijken. We gaan ook wel eens een paar dagen samen weg, een korte vakantie dus. Mensen die ons tegenkomen denken volgens mij steevast dat ik zijn begeleider ben. Soms zeggen ze dat ook. Maar dat is niet zo. Ik ben niet zijn begeleider, wij zijn gewoon bevriend”.

We kunnen er niet helemaal onderuit, Jan. Toch nog even over De Kleinkeinder en over Oeteldonk. Jullie zijn nu twee jaar gestopt. Wat was nu eigenlijk de reden daarvan?
“Ach, we hebben twintig jaar bestaan. Twintig jaar!! En voor alle duidelijkheid: ik heb er veel genoegen aan beleefd. Maar er kwam een tijd dat het plezier minder werd. Ik vergelijk het wel eens met een kaars: die kan lang branden, vooral als hij stevig is. Maar op een gegeven moment is die kaars opgebrand. Zo was het bij ons ook. We merkten dat de creativiteit afnam en vonden soms ook andere dingen belangrijker. Het kostte gewoon ook heel veel tijd. Kijk, jarenlang was het ‘Kleinkeind zijn’ eigenlijk een hobby. We wilden een karakter neerzetten en plezier maken. Maar in de loop der jaren kwamen er zoveel uitingen bij. Nee, het was tijd om te stoppen en dat was dan ook definitief. En Oeteldonk, vraag je? Nou, dat vind ik nog steeds mooi hoor. En stuk cultuur. De laatste jaren ben ik een trouw bezoeker van allerlei voorfeesten en bemoei me met de presentatie en regie van carnavaleske activiteiten. Maar met Carnaval zelf ben ik echt niet altijd in Oeteldonk. Ik ga dan soms zelfs met vrienden op vakantie. Zal ook wel met de leeftijd te maken hebben. Ik werd overal als Kleinkeind aangesproken, aangelald soms. Daar had ik gewoon niet zoveel zin meer in.”

Jan en ik begeven ons dan naar Theaterwerk-plaats Novalis. Dat is de plek waar nu zijn hart ligt. Hij begeleidt er als ‘kwartiermaker’ het docententeam en de theatermakers – dat zijn dus deelnemers ‘met een indicatie’. De faciliteiten in het Novalis gebouw zijn geweldig. Er is een prachtige theaterzaal en een groot en aantrekkelijk horecaplein. Aan de straatzijde van het gebouw bevindt zich een aantal Flex-Offices, die door bedrijven en instellingen (kunnen) worden gehuurd. Vlakbij de theaterzaal zijn diverse ruimtes in gebruik voor ondersteunende dagbestedingsactiviteiten. Denk daarbij aan elementair theater en toneelbeleving, individuele zang en samenzang, dansen en bewegen, kap en grime, decorbouw en kunstbeleving, ontwerp en vervaardiging theaterkleding, taal- en tekstbeleving en acteren voor de camera. De lessen worden gegeven door gespecialiseerde vak- en gastdocenten.

Is het moeilijk mensen met een beperking te coachen, te regisseren?
Jan: “Allereerst: we noemen deze mensen onze theatermakers. Een belangrijk uitgangspunt van mijn benadering van de theatermakers is dat ik hun beperking voor de volle 100% accepteer. Ik accepteer dus ook dat ik ze niet altijd veel kan leren. Maar ik kan ze wel coachen. En complimenteren. Het is ontzettend belangrijk dat de deelnemers (theatermakers) het gevoel hebben dat ze worden gewaardeerd, dat ze er toe doen! Ik heb oog voor wat ze wel kunnen en ga daar van uit. Dat probeer ik in te passen in het script. Ja inderdaad, als dat met het oog op wat ik net zei wenselijk is, dan passen we gewoon het script aan”.

Jan geeft ons een rondleiding door het gebouw en we komen geregeld theatermakers tegen. Steeds weer valt op hoe Jan met zijn pupillen omgaat. Als hij ze tegenkomt oogt hij voortdurend blij verrast. Noemt ze bij de naam, omhelst ze soms en stelt ze enkele persoonlijke vragen met vaak een kwinkslag. De manier waarop de deelnemers reageren zegt alles. Ze lachen voluit en genieten er van dat hun coach en regisseur hen kent, erkent en onmiskenbaar persoonlijk waardeert. Ze bloeien op.

Tot slot: hoe bedruipen jullie dit alles financieel?
Jan verwijst naar Ron van Rooij, conceptontwikkelaar en directeur van Novalis. Die weet het antwoord: “Natuurlijk is er het Persoons Gebonden Budget (pgb) van de deelnemers, maar alleen daarmee redden we het niet. Zoals je wellicht hebt gezien hebben we aan de voorzijde van ons gebouw (Industrieweg 9c in Vught) een aantal up-to-date Flex Offices. Die verhuren we, zoals we ook de theaterzaal kunnen verhuren. Evenals kostuums, we hebben een grote collectie. Verder ontwikkelen we nog enkele semi-commerciële activiteiten. Denk aan ons horecaplein. Medewerkers van bedrijven kunnen hier komen lunchen. Daarnaast hopen we ook een beroep te kunnen doen op fondsen, subsidies en sponsoring”.

0 Reacties uitgeschakeld voor Jan van der Els: ‘Warmte maakt je rijk’ 1765 29 maart, 2018 Interviews, Nieuws maart 29, 2018

Facebook Comments